Rond Haaksbergen

Column Caro Woudstra

Bloedplasma geven

Sinds jaar en dag doneer ik mijn bloed en bloedplasma. Dat laatste pas sinds kort, omdat je daarvoor wat langer in de stoel moet zitten. En laat ik eerlijk zijn: ik ben niet iemand die graag stilzit, tenzij er koffie, een biertje of een goed verhaal tegenover staat. Ik moest er eerst een beetje van overtuigd worden, maar inmiddels zou ik niet anders meer willen. Je kunt er namelijk veel meer mee.

De eerste keer werd de machine waar ik aan vastgekoppeld was haarfijn uitgelegd. Het deed me denken aan een knikkerbaan: hier gaat je bloed erin, dan gaat het omhoog, draait een rondje, verdwijnt even, en komt via dezelfde slang weer terug. Ondertussen worden mijn gefilterde plaatjes keurig teruggepompt in mijn lichaam. Hulde aan de uitvinder van deze machine.

Tijdens dat proces dacht ik aan de vrouwen die de basis legden voor deze technologie. Daar waar vooral mannen de wereld verzieken met oorlogen, weten vrouwen er vaak weer iets goeds van te maken en er soms zelfs een slaatje uit te slaan. Janet Vaughan, Judith Graham Pool, Winifred Mayer Ashby, Lucy Bryce en Marjorie Bick waren de grondleggers van de moderne bloedbanktechnologie. Zij hielden zich bezig met het opzetten van bloedbanken, het ontdekken van stollingsfactoren, het bewaren van bloed en bloedproducten, en de technieken om bloedplasma te verpakken en te verschepen naar oorlogsgebieden.

En opnieuw waren vrouwen (op een enkele man na) de grootste helden van de oorlog.

Mijn bloedplasma is de grondstof voor levensreddende medicijnen en wordt gebruikt bij mensen die ernstig bloedverlies hebben gehad. En geloof me: dat komt nog wel eens voor. Mensen zijn onhandige wezens die zichzelf, of elkaar, regelmatig in de problemen werken.

Liters bloed en bloedplasma heb ik inmiddels afgestaan, en hopelijk waart het ergens rond in de wereld. Voor iemand die iets heldhaftigs heeft gedaan of iets heel doms. Het is immers bestemd voor iedereen die het echt nodig heeft.

Caro

Mobiele versie afsluiten