Culinair festijn ‘voor en door Haaksbergen’
HAAKSBERGEN – Hoksebarge Preuft komt er weer aan. Op vrijdag 19 en zaterdag 20 juni toont culinair Haaksbergen wat het in huis heeft.
Het duo René Broekhuis en Benth Diepenmaat is de afgelopen weken druk in de weer geweest om er een schepje bovenop te doen na vorig jaar. Zo wordt Hoksebarge Preuft nog toegankelijker voor een breder publiek. Ook rolstoelers wordt het makkelijker gemaakt om het beachveld in het centrum van Haaksbergen te betreden.
Het wordt de tweede editie sinds de terugkeer vorig jaar van Hoksebarge Preuft en de organisatie heeft een verrassend spektakel in petto dat deze keer twee dagen in plaats van één dag duurt. ”Dat is het gevolg van het succes van vorig jaar”, meldt René Broekhuis. ”In overleg met de deelnemers is besloten om dit jaar twee dagen uit te trekken voor Hoksebarge Preuft. Iedereen was enthousiast.”
Het terrein aan de Hibbertsstraat wordt iets anders ingericht dan vorig jaar, meldt Benth Diepenmaat van Party Power, die het evenement samen met Broekhuis organiseert. ”We gaan de vloerdelen bijvoorbeeld verder naar binnen leggen, zodat rolstoelers makkelijker overal bij kunnen. Ook bezoekers met kinderwagens kunnen dan beter uit de voeten. Verder draaien we het plaatje ten opzichte van vorig jaar een halve slag door met aan beide kanten van het terrein een horecagedeelte.”
Hoksebarge Preuft telt net als vorig jaar ruim tien deelnemers die voor een brede culinaire diversiteit gaan zorgen. De initiatiefnemers maken er een waar feestje. En bij een feestje hoort muziek, verzekeren de twee. ”Zowel vrijdag als zaterdag hebben we Haaksbergse bands. We regelen sowieso alles zoveel mogelijk lokaal. De artiesten, EHBO, de beveiliging; het is echt een feestje voor Haakbergen, door Haaksbergen.”
Verder blijft alles zo’n beetje hetzelfde voor bezoekers, geeft Diepenmaat aan. ”Voor gerechtjes en drank zijn munten te koop bij de muntenkassa op het terrein. De aanvangstijd is 16 uur en op beide dagen gaan we door zolang het gezellig is met een eindtijd van twaalf uur.”
Foto: Sander Lagewaard
